Gerealiseerde doelstellingen
In de begroting 2025 staan doelstellingen en acties die daar bij horen. Het grootste deel (94%) hiervan is in 2025 afgewerkt of loopt volgens planning. Een aantal acties (6%, rood en blauw in de tabel) loopt niet volgens planning of is nog niet gestart. Alle acties worden verderop in het jaarverslag per thema toegelicht.
Doelstellingen | Aantal | Groen | Lichtgroen | Rood | Blauw |
|---|---|---|---|---|---|
Onze inwoners | 18 | 2 | 14 | 2 | 0 |
Onze economie | 15 | 2 | 13 | 0 | 0 |
Onze toekomst | 13 | 3 | 9 | 1 | 0 |
Onze leefomgeving | 24 | 2 | 21 | 1 | 0 |
Totaal | 70 | 9 | 57 | 4 | 0 |
Percentage | 100% | 13% | 81% | 6% | 0% |
afgewerkt | volgens planning | niet volgens planning | nog niet gestart |
Uit deze inventarisatie blijkt dat er 70 doelen zijn gesteld. 66 van de gestelde doelen zijn gehaald of verlopen volgens planning.
Het gerealiseerd resultaat
Hieronder ziet u per thema de baten en lasten, algemene dekkingsmiddelen, overhead en overige baten en lasten.
Hieruit blijkt dat:
1. Het saldo van baten en lasten is afgerond € 2.927.898 negatief. Dit is het resultaat van de vier thema’s, algemene dekkingsmiddelen, overhead en overige baten en lasten.
2. Het gerealiseerd resultaat is afgerond € 1.793.313 positief. Dit is het uiteindelijke resultaat dat is ontstaan na verwerking van de mutaties in de reserves.
JAARREKENING 2025 | Lasten | Baten | Saldo |
|---|---|---|---|
Thema 1, onze inwoners | 56.007.585 | 16.952.084 | -39.055.500 |
Thema 2, onze economie | 1.039.726 | 2.872.807 | 1.833.081 |
Thema 3, onze toekomst | 8.198.833 | 2.024.145 | -6.174.688 |
Thema 4, onze leefomgeving | 31.811.407 | 12.026.410 | -19.784.996 |
Totaal thema's | 97.057.551 | 33.875.446 | -63.182.104 |
Treasury | 618.610 | 836.171 | 217.560 |
OZB woningen | 82.319 | 5.893.625 | 5.811.306 |
OZB niet-woningen | 1.261 | 1.587.526 | 1.586.265 |
Belastingen overig | 572.449 | - | -572.449 |
Uitkeringen gemeentefonds | - | 65.118.510 | 65.118.510 |
Totaal algemene dekkingsmiddelen | 1.274.639 | 73.435.831 | 72.161.192 |
Overhead | 12.080.035 | 201.947 | -11.878.089 |
Vennootschapsbelasting | -75.768 | - | 75.768 |
Overige baten en lasten | 1.166 | -103.499 | -104.665 |
Totaal | 12.005.434 | 98.448 | -11.906.986 |
Saldo van baten en lasten | 110.337.624 | 107.409.726 | -2.927.898 |
Mutaties reserves | 11.650.958 | 16.372.168 | 4.721.210 |
Gerealiseerd resultaat | 121.988.581 | 123.781.894 | 1.793.313 |
Het verwacht rekeningresultaat
In de 2e bestuursrapportage 2025 verwachtten wij een rekeningresultaat van € 2.324.015. Het uiteindelijke rekeningresultaat is € 1.793.313 en is € 530.702 minder dan de 2e bestuursrapportage 2025.
Verklaring van het resultaat op hoofdlijnen
Om snel een indruk te geven van het rekeningresultaat, noemen wij hieronder de afwijkingen groter dan € 100.000 ten opzichte van de raming in de begroting 2025.
In de toelichting op de thema's in de jaarrekening geven we een toelichting op verschillen groter dan € 50.000.
Algemene uitkering
Nadeel € 907.000
We hebben in 2025 € 689.000 minder ontvangen dan verwacht. Dit wordt veroorzaakt doordat we in 2025 nog een aantal nadelige verrekeningen hebben gehad over 2023 en 2024. Deze nadelige verrekeningen zijn ontstaan door de aanpassing van een aantal berekeningsmaatstaven.
In de decembercirculaire is nog een bedrag ontvangen van € 69.000 voor de opvang van ontheemden en € 149.000 voor de Wet versterking regie volkshuisvesting. Deze bedragen zijn gereserveerd voor het dekken van uitgaven in een volgend jaar.
Afschrijving
Voordeel € 1.062.000.
In Berap II was al een voordeel van € 700.000 genomen, omdat de afschrijvingslasten van grote investeringskredieten zoals nieuwbouw sporthal De Koel, verbouwing van het gemeentehuis en een nieuwe basisschool in werkelijkheid pas van toepassing zijn in het jaar nadat de investering wordt afgesloten. Naast de genoemde grote investeringen geldt dit voor meerdere investeringen. In de jaarrekening levert dit nog eens een extra voordeel op van € 1.062.000.
Rente
Voordeel € 134.000
In Berap II is een rentevoordeel genomen van € 575.000. Dit was mogelijk, omdat we bij de rentelasten in de begroting 2025 zijn uitgegaan van een verwacht rentepercentage en de financiering van een aantal grote investeringen. Het werkelijk rentepercentage van de financieringsmiddelen is lager en een aantal grote investeringen zijn nog niet afgerond. In de jaarrekening levert dit nog eens een extra voordeel op van € 134.000.
Wet Sociale Werkvoorziening (WSW)
Voordeel € 179.000
Dit voordeel is hoofdzakelijk ontstaan, doordat het resultaat op de (voorlopige) jaarrekening van de WSW bedrijven Wedeka en Emco positiever uitvalt dan is meegenomen in de begroting.
Jeugdhulp
Nadeel € 246.000
In BERAP II 2025 is een verwacht nadeel opgenomen ten opzichte van begroting van
€ 1.600.000. In BERAP II 2025 werden vervolgens de extra baten van de mei-circulaire 2025 van € 584.000 voor Jeugd en de € 1.022.000 van de septembercirculaire 2025 als compensatie van de incidentele tekorten 2023 en 2024 Jeugd meegenomen. Hiermee werd het te verwachten tekort gedekt en was de verwachting dat dit budgetneutraal zou verlopen. Door onder andere nog een aantal nagekomen declaraties is het resultaat uiteindelijk negatief.
Wmo
Voordeel € 703.000
In BERAP II 2025 is reeds een voordeel opgenomen van € 400.000 op Hulp bij het huishouden. Naast dit reeds opgenomen voordeel is er nog een voordeel van € 475.000 ten opzichte van de begroting op Hulp bij het huishouden. Dit wordt veroorzaakt door lagere declaraties in het tweede half jaar. Daarnaast is op begeleiding een voordeel van € 120.000, dit wordt veroorzaakt door een lichte daling van aantal cliënten maar ook een verschuiving van zwaarder naar lichtere zorg. Ook de kosten PGB WMO zijn € 93.000 lager door minder inwoners die een voorziening ontvangen op basis van financiering met PGB.
Leerlingenvervoer
Voordeel 113.000
In de Kadernota 2025 is het budget Leerlingenvervoer incidenteel opgehoogd met
€ 125.000 op basis van de werkelijke kosten 2024. Doordat minder leerlingen gebruik maken van deze vorm van vervoer en minder kilometers per leerling vallen de kosten in 2025 lager uit dan begroot. Dit levert een voordeel op van € 113.000.
Inkomensvoorzieningen en schuldhulp
Nadeel 597.000
Dit nadeel wordt veroorzaakt door verschillende componenten:
1. Hogere lasten van de reguliere bijstand (BUIG).
2. Lagere baten vanuit de reguliere bijstand
3. Een dotatie aan de voorziening dubieuze debiteuren.
Toeristenbelasting
Nadeel € 101.000
De afgelopen jaren vertoonde onze gemeente een stijgende lijn in het aantrekken van toeristen. In de BERAP-II hebben we op basis van de verwachte overnachtingen de geraamde opbrengsten verhoogd met € 500.000. In de werkelijkheid zijn er uiteindelijk minder overnachtingen geweest dan verwacht in de bijgestelde raming. Hierdoor ontstaat een nadeel van € 102.000 als gevolg van lagere opbrengsten. Vergeleken met 2024 zijn de opbrengsten licht gedaald met 2,7%.
Bestuur
Nadeel € 687.000
Het nadeel is hoofdzakelijk veroorzaakt door een extra storting in de voorziening voor (voormalige) wethouderspensioenen. De te betalen pensioenen van wethouders worden momenteel uit de begroting van de gemeente betaald. Er is een voorziening gevormd die jaarlijks geactualiseerd wordt en waarbij jaarlijks een dotatie (aanvulling) wordt gedaan. Het Kabinet is voornemens om per 1 januari 2028 de pensioenen via een wettelijke verplichting over te dragen aan het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP).
Om de overstap naar het ABP mogelijk te maken is het noodzakelijk dat er voldoende kapitaal beschikbaar is per 1 januari 2028. Dit kapitaal wordt dan per 1 januari 2028 aan het ABP overgedragen. Vervolgens wordt vanaf deze datum geen voorziening meer opgebouwd, maar is de gemeente voor verdere pensioenopbouw van de wethouders een maandelijkse premie aan het ABP verschuldigd.
Er heeft een onderzoek plaats gevonden waardoor inzicht is ontstaan in de mogelijke financiële gevolgen voor de gemeente. Aan de hand van de beschikbare gegevens van onze gemeente en een aantal factoren zijn de eerste indicaties ontvangen voor de overdrachtswaarde van de pensioenen. De voorziening die momenteel gevormd is per 31 december 2025, is op voorhand onvoldoende om per 1 januari 2028 over te gaan naar het ABP. Naast het beschikbare bedrag in de begroting 2025 van € 195.000 is een extra storting nodig om de voorziening op voldoende hoogte te brengen. Belangrijkste reden is, dat bij overgang naar het ABP exact dezelfde overgangsregeling wordt toegepast, die ook geldig is voor ambtenaren op basis van de nieuwe pensioenwet (die per 1-1-2027 ingaat). De benodigde dekkingsgraad van het ABP is een cruciale factor, omdat deze bepaalt hoeveel vermogen nodig is. In de loop van 2027 wordt pas bekend met welke dekkingsgraad definitief rekening gehouden moet worden.
Om te bepalen met welk bedrag de voorziening per 31 december 2025 opgehoogd moet worden dient rekening gehouden te worden met een recente stellige uitspraak van de commissie BBV (lees: verplichting), dat de voorziene last voor 2025 in de jaarrekening 2025 verwerkt dient te worden.
De dekkingsgraad die daadwerkelijk straks nodig is, kan hoger of lager zijn dan waar nu mee is gerekend. Dit kan aanleiding zijn tot stortingen of vrijval van de voorziening op het moment van de overdracht.
Volkshuisvesting
Nadeel € 147.000
Voor de begeleiding bij externe woningbouwinitiatieven wordt personeel ingehuurd. Bij deze werkzaamheden komen de kosten voor de baten. De komende jaren worden de kosten terugverdiend middels anterieure overeenkomsten. Per 31-12-2025 wordt rekening gehouden met toekomstige bijdrages van ruim € 300.000.
Bedrijfsvoering en Overhead
Nadeel € 109.000
De kosten van bedrijfsvoering zijn ten opzichte van de begroting toegenomen. Dit komt per saldo door toegenomen ICT kosten.
De ICT kosten nemen de laatste jaren (fors) toe. Dit komt doordat de prijzen van hard- en software meer dan de gemiddelde inflatie stijgen. Ook door toename van de ambtelijke organisatie van 230 naar 285 medewerkers, stijgen de ICT kosten als gevolg van meer licenties en hardware. Tot slot stijgen de kosten ook door diverse ICT ontwikkelingen zoals verclouding en AI.
Overige verschillen
Voordeel € 73.000
Op een groot aantal onderdelen zijn 'kleinere' verschillen ontstaan. Deze 'kleinere' verschillen leggen wij uit in de toelichting op de thema's bij het onderdeel jaarrekening.
